Hoe werkt een oog?

Invallende lichtstralen worden door de cornea (het hoornvlies) en de ooglens gebroken. Bij een goed werkend oog, zal het brandpunt van deze lichtstralen op het netvlies (retina) vallen, zodat een scherp beeld van een voorwerp ontstaat. Via zenuwcellen worden de lichtprikkels omgezet in zenuwprikkels die naar het gezichtscentrum in de hersenen worden gestuurd. Hier worden de beelden geïnterpreteerd.

Afwijkingen in het brekend vermogen van het oog veroorzaken een wazig zicht in de verte, dichtbij of op verschillende afstanden. De gezichtsscherpte kan verbeterd worden door het dragen van een bril of contactlenzen of door refractieve chirurgie.

 

Refractie afwijkingen

  • Bijziend

Je bent bijziend als je oog te lang is in verhouding tot het brekend vermogen van de cornea en de lens: het brandpunt van de lichtstralen valt voor het netvlies. Als je alles wat dichtbij is scherp ziet, maar voorwerpen die verderaf zijn troebel waarneemt, dan ben je waarschijnlijk bijziend (myoop).

  •  Verziend

Een verziend (hypermetroop) oog is te kort in verhouding tot het brekend vermogen van de cornea en de lens: het brandpunt van de lichtstralen valt achter het netvlies. Mensen die verziend zijn kunnen dichtbij niet scherp zien, maar in de verte dikwijls wel. Een signaal van verziendheid is dat men al vroeg last krijgt met lezen van een boek of regelmatig hoofdpijn heeft.

  • Astigmatisme

Astigmatisme geeft een vervorming van het beeld, waardoor bijvoorbeeld een rond voorwerp ovaal wordt. Deze vervormingen verstoren zowel het beeld in de verte als kortbij.  Dit kan het gevolg zijn van een niet volmaakt bolvormige cornea en/of een niet-perfecte lichtbreking door de ooglens. Astigmatisme kan zowel in combinatie met bijziendheid als verziendheid voorkomen.

  • Presbyopie

Presbyopie of ouderdomsverziendheid komt meestal voor vanaf de leeftijd van 40-45 jaar, wanneer de elasticiteit van de ooglens en het lenskapsel vermindert.  De soepelheid van de lens om zich bol te maken en het beeld dichtbij scherp te stellen schiet te kort. Het wordt bijgevolg moeilijker dichtbijgelegen voorwerpen scherp te zien.